dinsdag 27 juli 2021

Nynke Koster

 

VANUIT  HET  VOORLOPIG  EINDPUNT:  OVER  RELATIES AAN DE RAND VAN DE TRADITIE IN HET WERK VAN NYNKE KOSTER 


Ieder hedendaags kunstwerk staat op enigerlei wijze in relatie tot de traditie. Zonder traditie, zonder geschiedenis, zonder wat eraan vooraf ging, zou het niet kunnen bestaan. De kunst bevindt zich niet in een historisch vacuüm, net zo min als welke discipline, bezigheid of gedachtegoed dan ook. De volgende stap kan alleen gezet worden doordat er een eerdere aan vooraf is gegaan en dat geldt ook als de nieuwe stap een andere richting opgaat. Als je de richting bijstelt of diametraal wijzigt zijn die nieuwe stappen nog steeds deel van dezelfde wandeling. Daardoor kunnen we nieuwe werken als kunst herkennen, want hoe zeer dat soms ook het geval lijkt, niets komt uit de lucht vallen. De geschiedenis en de traditie ontkennen, negeren of zelfs proberen te vernietigen getuigt juist daardoor van een onontkoombare connectie. Ook een antithetische relatie is een relatie.

Architectuur is ‘de moeder van alle kunsten’. Architectuur omsluit én creëert ruimtes en de ontstane structuur kan op allerlei manieren worden gecombineerd of geïntegreerd met zowel figuratieve als abstracte decoratieve sculpturen en tweedimensionale beelden, afhankelijk van de culturele omgeving waarin het werk tot stand komt. In de westerse cultuur is decoratie zowel figuratief als geometrisch, onder meer afhankelijk van de functie van het gebouw. In bijvoorbeeld de Islamitische cultuur zijn afbeeldingen verboden en heeft de ornamentiek een hoge vlucht genomen met allerlei complexe, vaak door elkaar heen geweven patronen. Hoe dan ook, decoratie is ‘het versieren van iets anders’ en op zijn best een soort toegevoegde waarde, iets wat betekenis krijgt in dienst van het grotere geheel: sculptuur op een timpaan functioneert bijvoorbeeld als ‘illustratie’ bij de kathedraal waaraan hij zijn bestaansrecht en betekenis ontleent.

Maar het kan ook anders en het werk van Nynke Koster is gebaseerd op het verwijderen of verschuiven van de context van de ‘decoratie’, waardoor deze een autonome betekenis krijgt met vaak verrassende resultaten.

 

 

Dit is het Baptisterium bij de Dom van Florence die er, een tiental meters verderop (deze foto is genomen vanaf de trappen voor de hoofdingang van de Dom), in feite één geheel mee vormt, met name ook door de marmerincrustatie die in de streek vaker voorkomt als decoratie.

Buitengewoon indrukwekkend zijn de Paradijsdeuren van Ghiberti, die het hele complex op het fascinerende breukvlak (of liever: in de lange periode van gestage ontwikkeling) van Middeleeuwen naar Renaissance afronden met beelden uit het Oude Testament. Om deze deuren gaat het hier. Geïsoleerd van het gebouw en dus van hun functie zien ze er zo uit: